Winst nodig voor continuïteit

Winst is één van de belangrijkste kengetallen voor een ondernemer. Zo niet het belangrijkste. Je onderneming staat of valt immers met winst. Toch? Zonder winst houd je het niet lang vol. En dat willen we juist wel: continuïteit. Volhouden. Zorgen dat er brood op de plank komt, niet alleen vandaag maar ook op termijn. De term ‘volhoubaarheid’ is eigenlijk wel een mooie term uit het Zuid-Afrikaans. Het staat voor ons woord duurzaamheid. Om de onderneming te kunnen voortzetten en eventueel te laten groeien is winst nodig. Hiermee kan er weer worden geïnvesteerd in nieuwe ontwikkelingen. Ontwikkelingen waarmee je kan voldoen aan veranderende vraag vanuit de markt en veranderende regelgeving vanuit de maatschappij.

Aan het eind van het productieproces moet meer waarde binnen komen dan er voor de productiefactoren is betaald. Met andere woorden: de opbrengsten van goederen en diensten zullen de gemaakte kosten minimaal moeten goedmaken. Wat er dan nog overblijft is winst. Deze komt toe aan de ondernemer.

Efficiency en effectiviteit

Winst wordt bepaald door omzet en kostprijs
Winst is saldo van omzet en kostprijs

Winst kent grofweg 2 bepalende factoren: efficiency en effectiviteit. Efficiency zegt iets over de doelmatigheid waarmee productiemiddelen worden ingezet. Hoe ‘zuinig’ is er omgegaan met de arbeid, grondstoffen en duurzame productiemiddelen? Effectiviteit zegt iets over de doelgerichtheid. In hoeverre voorziet je product in een bepaalde vraag? Hoe graag willen je afnemers het product kopen? Als klanten voor een gewild product graag een goede prijs betalen is dat erg effectief.

Het belangrijkste kengetal winst is daarmee dus een maatstaf voor zowel de efficiency als de effectiviteit. Het is immers de resultante van omzet en kostprijs. Omzet is een maatstaf voor de marktgerichtheid en de kostprijs geeft aan hoe efficiënt er met de productiemiddelen is omgegaan.

Hoe ga je werken aan de winst?

Heel simpel. Hak het proces in stukjes. En ga dan kijken waar je de winst kan pakken. Een klein voorbeeldje. Een akkerbouwer zal altijd proberen zoveel mogelijk product met een goede kwaliteit te produceren met zo min mogelijk kosten. Dus hoge opbrengsten (kilo’s) per hectare, zo min mogelijk arbeidskosten en zo zuinig mogelijke bemesting en gewasbescherming. Let wel: het mag niet ten koste gaan van kwaliteit en opbrengst. Bij gegeven kwaliteitsnormen zal het streven altijd zijn om zo min mogelijk kosten te maken. Het eindproduct zal zodanig moeten zijn dat het kan worden afgezet op de consumentenmarkt. De mate waarin de akkerbouwer erin slaagt zijn product voor een goede prijs af te zetten bepaalt zijn omzet.

“Hak het proces in stukjes en kijk waar je de winst kan pakken”

Zo’n proces in stukjes hakken betekent in dit voorbeeld: inkoop grondstoffen, grondbewerking, zaaien, bemesting, gewasbescherming, oogsten etc. Stel vervolgens overal de vraag of je dingen kan verbeteren. Durf daarbij kritisch naar jezelf te kijken door je te vergelijken met anderen. Het liefst met de besten. De lat moet wel op een niveau liggen dat er enige uitdaging ligt. Pas dan zet je stappen naar verbetering. Verbetering van het resultaat, verhoging van de winst en zicht op continuïteit.

 

 

Winst is basis continuïteit

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Regelmatig tips, nieuws en gratis advies ontvangen

Vind je de informatie op deze site interessant? Regelmatig kom ik met tips en gratis advies. Wil je deze ontvangen meld je dan nu aan.

Ik ontvang graag de blogartikelen per mail

PS: Je ontvangt geen SPAM. Daar houd ik zelf ook niet van!

Shares